Op een zonnige zaterdag wandelde ik van Hasselt via Genne naar Zwolle. Over de dijk, via het Haersterveer, langs de Agnietenberg richting centrum, zo had ik me voorgenomen. Onderweg merkte ik dat ik mijn portemonnee thuis had laten liggen; de oversteek met het veer kostte 60 cent. Op de dijk zou ik een list moeten verzinnen om aan de overkant van de Vecht te komen. Zou me dat lukken?

Zo’n twee kilometer voor de idyllische plek waar het pontje onder de bomen in Haerst verscholen ligt, begon de lucht zwaar te betrekken. Op de dijk kwam een echtpaar op leeftijd me tegemoet stappen. Lekker de pas erin, routeboekje in de hand.
Plots kwam een herinnering in me op en ik besloot de kans te wagen om deze te ruilen voor de benodigde centen. Ik sprak het echtpaar aan en legde uit waarom ik 60 cent nodig had. Mijnheer vertelde dat het een belevenis was met het pontje over te steken en hij me die van harte gunde. Mevrouw pakte meteen haar beurs en stak me het geld toe. Ik vroeg hoe ik kon terugbetalen, maar daar wilde het stel niet van horen. Of ik hen dan een verhaaltje mocht vertellen, vroeg ik? Wat verbaasd stemden ze in, één en al oor.

Vrienden van…
Ik vertelde over Lucas Boshove, sociaal betrokken raadslid en wijs wethouder in Zwartewaterland. In september 2014 overleed hij aan de gevolgen van kanker. Bij zijn verscheiden werd gevraagd om een bijdrage aan de ‘Vereniging Vrienden van de Voetveren’. Ik vertelde de wandelaars dat ik daar altijd aan moest denken als ik het Haersterveer gebruik. En ook dat zij Lucas’ huis aan de dijk zouden passeren; ik duidde de kleuren waaraan zij de woning zouden herkennen. Het stel bedankte me hartelijk voor het delen van het bijzondere verhaal en vroeg of ik nog 60 cent nodig had voor de terugweg....

Magie
Terwijl de wind aanzwol en donkere wolken zich samenpakten, bereikte ik het Haersterveer. Dit laatste handgetrokken pont van Nederland is elke dag in bedrijf van tien uur ’s morgens tot zeven uur ’s avonds. Voor de vrijwillige veermannen best pittig werk, in weer en wind. Dat ervoer ik aan den lijve, want de wolken lieten het water met bakken uit de lucht vallen tijdens de vaart. Kletsnat stapte ik na enkele minuten aan wal, vriendelijk uitgezwaaid door Jacob Versteegh. Deze bekende veerman is al 30 jaar actief. Kinderen noemen hem wel eens de ‘heen-en-weerwolf’. Die kennen ze van Pluk van de Petteflet en misschien lijkt hij, met zijn woeste grijze baard, ook wel wat op hem.
Aan Versteegh gaf ik de gekregen muntjes. Waarvoor eigenlijk? Hij beschreef het zo: “Het geld dat je ophaalt, steek je in je zak. Dat geld staat nergens in de boeken. Wie het veer bedient, die mag het hebben. Dat heeft toch wel een bijzondere waarde: niet omdat het veel is, maar omdat het geld is dat een bepaalde vrijheid weerspiegelt: je krijgt het, je mag ermee doen wat je goeddunkt en niemand heeft er iets over te zeggen. Ik merk dat dat ook voor de anderen die hier werken een bijzondere magie heeft.” Het voelde goed om een bijdrage te leveren aan die magie.
Het fluitenkruid dat ik uit de berm plukte, heb ik achter gelaten op het veer. Voor Lucas.
Toen het veer terugvoer zag ik de tere bloemen verwaaien. Herinneringen in de wind…

Marlies Mestrom